Ervaringen van een opvanggezin
30 maart 2007Een opvangadres
Vlak nadat wij ruim 1 ½ jaar geleden in Oudkarspel (Noord-Holland) zijn komen wonen leerde ik Brigitte kennen. Ik ben de trotse hondenbezitter van 2 honden en doe vrijwilligerswerk bij het plaatselijke asiel, maar zij heeft wel 10 honden en allemaal even lief!! Onze gezamenlijke liefde voor honden zorgde ervoor dat ik via haar al snel in contact kwam met Liesbeth. Liesbeth zat met een loops teefje dat zo snel mogelijk vanuit Griekenland naar Nederland moest en er werd gezocht naar een opvangadres. Nou moet ik heel eerlijk zeggen dat ik nog nooit een hond had opgevangen. Ik heb er namelijk al twee en zou best nog een derde willen, maar mijn man heeft daar een uitdrukkelijke mening over: Geen derde hond. Maar een opvanghond.......da’s een ander verhaal. Die gaat toch weer weg, en nee: jij hoeft echt niets te doen, het lijkt me gewoon leuk. Na een beetje heen en weer gediscussieer mocht ik mijn (eerste) hond opvangen. Erg leuk om te doen, zo’n jonge, onopgevoede hond. Mijn eigen honden komen ook uit het buitenland, de ene hebben we 12 jaar geleden meegenomen uit Curaçao en de ander is twee jaar geleden uit Turkije gekomen via de Stichting Aai. Dus ik heb wel al ervaring met (buitenlandse) honden. Maar ons gezin is groter dan dat. Behalve mijn man en ik en onze drie kinderen en de twee honden, lopen er nog 2 katten rond, 2 cavia’s en 2 fretten! Een full house dus.
De eerste hond die ik opving voor Liesbeth had nog voor vertrek uit Griekenland al een baasje, dus ik wist dat ze niet lang zou blijven. Toch was het wel even moeilijk om afscheid te nemen. Liesbeth had de nieuwe eigenaar natuurlijk al het hemd van haar lijf gevraagd, maar de uiteindelijke beslissing was aan mij. Gelukkig bleef het nare gevoel van afscheid nemen maar even. Het idee dat ze een goede baas heeft gekregen en dat er weer wat rust is in de tent helpt veel. En tja, na die eerste opvanghond ben je de klos, je telefoonnummer is bekend, en er zijn veel honden te redden. En zo doen wij het dus al een tijdje. We zijn 5 honden verder en de volgende komt binnenkort. Mijn kinderen (12, 10 en 5 jaar) verheugen zich er elke keer weer op. Mijn dochter van 10 houdt een opvanghondendagboek bij, met foto’s en namen. Een aantal honden kregen bij ons een tijdelijke andere naam, omdat we niet alle namen uit Griekenland vinden passen bij de hond. En eigenlijk luisteren ze er toch nog niet naar. Tot nu toe waren het geen lange verblijven. Hooguit een week of twee. Alhoewel, inmiddels hebben we er eentje bij, die begon als opvanghond, maar zo goed kan opschieten met onze Turkse reu dat hij mag blijven. Daar gaat mijn man met zijn mening!! En natuurlijk wordt er door de kinderen af en toe een traantje weggepinkt als er weer een hond mee mag naar zijn eigen nieuwe huis, maar het plezier overwint toch altijd. De ene hond is de deur nog niet uit of de vraag: Welke hond krijgen we nu? is al weer gesteld. En gelukkig voorziet Liesbeth ons dan weer snel van een nieuwe uitdaging.
Ik vind het fantastisch om te zien hoe elke hond zich weer soepeltjes aanpast aan het Nederlandse gezinsleven. De meeste honden zijn toch gedumpt of mishandeld, maar eenmaal in de warmte van een gezin worden het al snel weer speelse honden. Waar in een week een hoop aan geleerd kan worden: aan de riem leren lopen, afleren om op het aanrecht te springen. Dat in bed komen liggen ook geen goed idee is. Wennen aan de katten, de fretten, de cavia’s. Kortom leren leven in een gezin. Met de ene hond gaat dat sneller dan met de andere, maar ze gaan hier allemaal vrolijker weg dan dat ze binnengekomen zijn.
Sommigen gaan zelfs nog even hun puberteit inhalen, tot nu toe gelukkig niks ernstigs, alleen wat opgegeten post en verscheurde kindertekeningen. Daar zou je natuurlijk erg boos om moeten worden (wat ik ook wel doe), maar meestal ben ik blij dat ze het durven, zichzelf te zijn. En plezier te hebben.
Kortom, erg leuk om te doen, honden opvangen, en ook hard nodig!
En zolang iedereen hier in huis het leuk vindt(of zolang die ene niet te hard moppert) blijven we het doen ook.
Michella


